Kweken



Kweek

Veel mensen zeggen dat ze forpusen kweken, maar is het niet dat je dieren fokt en planten kweekt? Omdat velen de term kweken gebruiken hanteren we het hier dan ook maar. Het kweken van forpussen verschilt per ras. De Grijsruggen (Forpus Coelestis) kweken relatief eenvoudig. De Xantrops heeft de naam een stuk lastiger te zijn. Toch zijn er veel zaken welke voor bijna alle soorten gelden.

Selectie

Voor het selecteren van goede kweekvogels kun je het beste gebruik maken van de Gezamelijke Standaardeisen Forpussen of de Gezamelijke Standaardeisen Forpussen Matrix. Ook is het erg verstandig om de informatie door te lezen welke onder het kopje Soorten, ondersoorten en mutaties op het hoofdmenu van deze site te vinden is. Daar staan een paar artikelen welke van groot belang zijn tijdens de selectie en kweek.

Broedrijp

Broedrijp is de conditie en stemming waarin vogels verkeren wanneer ze volwassen zijn en zich willen voortplanten. Voor je gaat kweken is het dus van belang om de juiste broedrijpe vogels te selecteren. Broedrijpe poppen zijn eenvoudig te herkennen. Ze lijken dan groter en forser en hebben een sterk opgezet achterlijf ( dikke kont ). Mannen is iets lastiger, maar met een getraind oog zie je al snel dat deze mannen vaak erg levendig zijn en vooral in een UITSTEKENDE conditie verkeren. Ze lijken wel te “stralen”.

Neem nooit vogels welke jonger zijn dan een jaar. Een Forpus kun je inzetten voor de kweek wanneer ze tussen de 8 en 12 maanden oud zijn. Om onbevruchte eieren, legnood en meer van dat soort narigheid te voorkomen nemen we 12 maanden als uitgangspunt.

Heb je een koppel bij elkaar gezet, dan is dat nog geen garantie dat er jongen gaan komen. Soms klikt het niet goed genoeg waardoor er nooit iets zal gebeuren. Opnieuw koppelen aan een andere partner kan dan een oplossing zijn. Ook kan het wel eens gebeuren dat een bewezen koppel (een koppel dat in het verleden perfect jongen heeft grootgebracht) het een jaartje voor gezien houdt. Dit komt vaker voor en het is in zo’n geval niet echt nodig om te her-koppelen. Bij het samenstellen van een nieuw koppel is het wel belangrijk dat je eerst hier even leest hoe je dat het beste kunt doen.

Kweekkooi

Forpussen kweek je gescheiden per koppel. Dit kan in een vlucht maar ook in een broedkooi. De meeste ervaren kwekers maken gebruik van een ruime broedkooi. Lees ook de informatie op deze pagina voor meer informatie over huisvesting en meer zaken welke van belang zijn voor de kweek.

Nestkast

Als nestkast wordt meestal een horizontaal geplaatst parkieten \ agaporniden nestkast gebruikt. Ondergetekende gebruikt Gould-Nestkastjes. Deze zijn een stuk kleiner, maar voldoen in de meeste gevallen ook meer dan prima. Op de bodem van het nest strooien we wat zaagsel of iets soortgelijks. Dit geeft een mooi zachte bodem waardoor de eieren niet zo snel zullen beschadigen en de poppen knagen er graag in om tijdens de broed. Meestal veranderd het zaagsel in poeder gedurende de broedperiode.

Hieronder wat afbeeldingen van veel gebruikte nestkasten. Vooral het middelste model wordt veel door kwekers gebruikt.

Omdat een Forpus nogal moet wennen aan veranderingen is het goed om te weten dat ze waarschijnlijk niet zo positief zullen reageren wanneer je de nestkast in de broedkooi schuift. Het kan heel goed zijn dat het koppel in paniek zo ver mogelijk van het nest vandaan gaat zitten en er soms dagen lang wat wantrouwend omheen blijven draaien voordat ze voorzichtig een kijkje in “de babykamer” gaan nemen. Dit is normaal en hoort bij het natuurlijke gedrag van deze vogels.

Voeding

Tijdens de kweek hebben Forpussen behoefte aan een rijker samengesteld dieet. Extra eivoer en kiemzaden zijn prima aanvullingen om de vogels te ondersteunen. Vergeet ook niet om extra bij te voeren zodra de jongen er zijn. Kijk hier voor meer informatie.

Ringen

De jongen kunnen we ringen zodra de veerpennen beginnen te groeien en de ogen net open beginnen te gaan. Meestal is dat na ongeveer een week. Voor het bepalen welke ringmaat er gebruikt moet worden kun je het beste hier even lezen. Nog geen ringen? Informeer dan even bij de Ringencommissaris van de vogelvereniging waarbij je lid bent.

Een Forpus heeft 4 tenen. Twee voor, en twee achter. Zoals je op de afbeelding kunt zien moet je daar bij het ringen rekening mee houden. Buig de 2 voortenen naar voren en de 2 achtertenen naar achter en pas daarna voorzichtig de ring er omheen schuiven. Iedere andere methode zal het pootje beschadigen (of erger). Het zal de eerste keer wat moeite kosten, maar na wat oefening heb je al snel de slag te pakken.

Overigens zijn er ook kwekers die de 3 langste tenen naar voren buigen en de kortste teen naar achteren. Dit is een methode welke ook prima werkt. Toch levert deze methode wel wat problemen op wanneer de jongen wat dikkere poten hebben of wanneer je net wat te laat probeert te ringen. Dan is de methode met 2 voor en 2 achter een betere oplossing.

Nogmaals en wellicht ten overvloede: Doe het voorzichtig. Gebruik NIET teveel kracht. We willen de tenen er niet af trekken…